
‘‘Wat te betekenen voor een ander, dat is mijn grootste drive’’
Algemeen 507 keer gelezenHeinkenszand – Het is haar grootste hobby: plantjes. Vier jaar geleden startte Miranda de Roij-Heijnsdijk bij haar huis een plantenbieb. Inmiddels zijn daar een ruilkast en een menstruatie-uitgiftepunt (MUP) bijgekomen. De Roij-Heijnsdijk merkt als geen ander dat wat ze aanbiedt nu harder nodig is dan ooit.
Door Hanna Ippel
Door de hoge temperaturen geuren haar planten en bloemen extra sterk: een zoete, zachte geur die je al bij binnenkomst tegemoetkomt. Voor de plantenbieb en de ruilkast is De Roij-Heijnsdijk (59) dagelijks bezig met stekken, water geven en bijvullen. Al op de basisschool stekte en verkocht ze haar eigen planten.
Toen ze op een dag last kreeg van ongedierte in haar planten, moest ze er veel weggooien. Het viel haar op dat planten in tuincentra erg duur zijn. Na een televisieprogramma over plantenbiebs in Tilburg, werd ze geïnspireerd om zelf te beginnen. ‘‘Toen is het zaadje voor de plantenbieb geplant,’’ zegt ze lachend. Door te ruilen met andere mensen, ‘‘kom ik zelf ook weer aan leuke plantjes.’’ Ze geniet van de reacties die ze krijgt. ‘‘Zelfs als ik in Goes ben, kan ik aangesproken worden door wildvreemde mensen die mij herkennen.’’ Dan geeft ze graag plantentips.
Op Facebook en Instagram is ze inmiddels ook actief. Wanneer ze een nieuwe Facebookgroep ontdekt, merkt ze dat mensen spullen komen brengen voor de ruilkast. Een half jaar na de plantenbieb kwam die kast erbij. ‘‘Als ik iets bedenk, dan ga ik dat gelijk doen, want ADHD.’’ Ze merkt wel dat de planten nu minder hard gaan dan voorgaande jaren, iets wat ze ‘‘heel erg jammer’’ vindt. Er zit veel tijd in de bieb: ze krijgt vaak ongewortelde plantjes die ze eerst moet laten wortelen en water moet geven voordat ze gepot kunnen worden. ‘‘Het is eigenlijk de bedoeling dat je ruilt. En met de warmte hebben de planten veel water nodig.’’
Achter de vrolijke plantenliefhebber schuilt ook een andere kant. Ze was jarenlang zelfstandige, maar moest door ziekte stoppen met werken. ‘‘Ik blijk een erfelijke bindweefselaandoening te hebben. Het zeldzame Ehlers-Danlos syndroom (EDS).’’ Ze kwam in een rolstoel terecht en alles wat ze nu doet, kost energie. Ze vindt het belangrijk eerlijk te zijn op sociale media en laat daarom zien dat ze in een rolstoel zit. Ze laat zich ‘‘niet beperken’’ door haar rolstoel. Rondom haar huis staan regentonnen waaruit ze water haalt. ‘‘Vanuit de rolstoel hoef ik niet zo te bukken.’’ Toch zijn er momenten ‘‘dat het bijna niet te doen is.’’ Dan heeft ze veel pijn en is ze ‘‘bekaf.’’ Even valt ze stil bij de vraag hoe ze alles managet. ‘‘Wat te betekenen voor een ander, dat is mijn grootste drive. Ik heb geen werk meer, dus dan is je identiteit een beetje weg.’’
De plantenbieb is haar passie en de ruilkast en een MUP kwamen erbij ‘‘omdat zulke dingen spontaan gebeuren bij mij.’’ Het uitgiftepunt is van het Armoedefonds dat de menstruatieproducten levert. Bij de ruilkast gaan ‘‘vooral rijst en blikken groente heel hard. Shampoo staat er zelden in en als het er staat is het zo weg.’’ Ze heeft altijd tekort aan inlegkruisjes, tandpasta en tandenborstels: ‘‘best dure items.’’ Ze let goed op de kasten en legt spullen per stuk neer, zodat niet alles in één keer wordt meegenomen. Gelukkig krijgt ze soms ook boodschappen. Ook doet ze met haar e-bike boodschappen van de donaties. ‘‘Echt een work-out.’’ Tot slot benadrukt ze dat de ruilkast voor iedereen is. ‘‘Ik kan niet in jouw portemonnee kijken en jij niet in de mijne. Je kan nog zo’n mooi huis hebben, maar je weet niet wat erachter schuilgaat.’’ Haar motto: ‘‘Pak wat je nodig hebt, geef wat je kan missen, maar laat ook wat over voor een ander.’’



















