
Bevrijders die zelf geen vrijheid kenden: een onbekend hoofdstuk
Algemeen 68 keer gelezenNieuwdorp/Borsele – Sinds twee weken is in Bevrijdingsmuseum Zeeland een nieuwe expositie te zien tot eind oktober. Nu 4 en 5 mei in aantocht zijn, krijgt de tentoonstelling extra betekenis. Voor het eerst vertelt het museum een bevrijdingsverhaal dat voor veel bezoekers onbekend zal zijn. Een verhaal dat ook voor de maker lange tijd verborgen bleef.
Door Hanna Ippel
Zo’n zes jaar geleden stuitte dr. Mathilde Roza op een artikel over ‘‘een Amerikaanse soldaat van inheemse afkomst die in Nijmegen was overleden bij de gevechten van Operation Market Garden.’’ Ze wist niet dat duizenden inheemse soldaten uit Noord-Amerika hadden meegevochten bij de bevrijding van Europa, en dus ook Nederland. ‘‘Ik dacht: hier moet gewoon een tentoonstelling over gemaakt worden. En toen dacht ik: ik kan het ook zelf doen.’’ Dat moment vormde het begin van de expositie Inheemse Bevrijders, een tentoonstelling die volgens Roza ‘‘een onbekend deel van de Nederlandse bevrijdingsgeschiedenis is’’ en die zij graag zichtbaar wil maken
Koloniaal perspectief
Volgens Roza is het Nederlandse herdenkingsverhaal vaak overzichtelijk: ‘‘Ons verhaal bij de herdenking van de Tweede Wereldoorlog is toch heel vaak dat het verhaal is van: we waren bezet en daarna was er vrijheid en democratie.’’ Daarbij leeft de aanname dat ‘‘mensen die voor vrijheid vochten, ook zelf vrijheid kenden.’’ Maar dat beeld klopt niet. Wij zijn ook bevrijd door mensen die zelf geen vrijheid kenden.’’ De tentoonstelling laat zien wie deze inheemse soldaten waren, waarom zij naar Europa kwamen en hoe zij thuis vaak opnieuw met discriminatie en ongelijkheid te maken kregen. Roza benadrukt dat het belangrijk is om ook de koloniale aspecten van de Tweede Wereldoorlog te belichten, omdat die in de Nederlandse herinneringscultuur nauwelijks zichtbaar zijn.
De tentoonstelling
De expositie is ontwikkeld door Roza en onderzoeksassistenten Madelief Feenstra en Linde Brueren. Als universitair hoofddocent aan de Radboud Universiteit onderzoekt Roza hoe culturen elkaar beïnvloeden. In de tentoonstelling staat de achtergrond en de rol van Native American, First Nations en Métis soldaten in de bevrijding van Nederland centraal. Inheemse Bevrijders kwam dankzij steun van de Provincie Zeeland, in het kader van Four Freedoms door de jaren heen, naar Borsele.
Op 14 april werd de expositie officieel geopend door gedeputeerde Johan Aalberts, in aanwezigheid van het volledige college van Gedeputeerde Staten, burgemeester Gerben Dijksterhuis, representatie vanuit de Canadese ambassade, en basisschoolleerlingen. Als speciale gast gaf ook Mike van Ee, een kind van een inheemse-Nederlands bevrijdingskind, een korte toespraak.
Het woord ‘indiaan’
De tentoonstelling gebruikt bewust de term ‘inheemse bevrijders’. In Nederland is ‘inheems’ nog geen gangbare aanduiding voor mensen, legt Roza uit. De term is vertaald van het Engelse indigenous, dat in landen als de Verenigde Staten en Canada wél gebruikelijk is. ‘‘In Nederland wordt standaard nog het woord ‘indiaan’ gebruikt voor deze groep.’’
Roza wil bezoekers laten wennen aan de term ‘inheemse bevolking’, omdat ‘‘indiaan een woord is dat eigenlijk heel weinig betekenis heeft. Inheemse culturen zijn heel rijk, complex en divers, en “indiaan” roept toch vooral hele stereotype beelden op.’’ Tijdens haar onderzoek sprak Roza met familieleden van inheemse bevrijders. Dat was voor haar een ‘‘duidelijke confrontatie met hoezeer zij ook vergeten zijn in hun eigen land als groep.’’ De tentoonstelling maakte op de families veel indruk. Nog altijd ervaren inheemse mensen de ‘‘negatieve effecten van kolonisatie.’’
Herdenken en vrijheid
Met de expositie wil Roza het begrip vrijheid verdiepen. Om vrijheid echt te waarderen, ‘‘moeten we beseffen dat vrijheid niet voor alle mensen geldt.’’ Rond 4 en 5 mei groeit de aandacht voor groepen die in het verleden weinig erkenning kregen. De tentoonstelling laat zien dat er nog veel onbekende verhalen bestaan: verhalen van ‘‘onvrijheid’’, zoals Roza ze noemt.
In de expositie worden onderdelen van de bevrijding van Nederland verteld aan de hand van biografieën van inheemse soldaten. Een van hen is John Brown Lee uit Noord-Amerika, waarschijnlijk een verengelste naam, die vocht bij de bevrijding van Bergen op Zoom en Steenbergen. Het zijn lokale verhalen van mannen die naar Europa kwamen en hier een grote bijdrage leverden aan de bevrijding, terwijl zij zelf geen volledige vrijheid kenden. In het kader van 4 en 5 mei sluit Roza graag af met de woorden van een familielid van een inheemse bevrijder:
‘‘Zoals Anthony Nordwall, de kleinzoon van paratrooper Stanley Nordwall, het verwoordde: “Inheemse Bevrijders heeft onze familieverhalen uit de schaduw gehaald en zichtbaar gemaakt voor iedereen. Daar ben ik voor altijd dankbaar voor.” De verhalen over de grote bijdrages die inheemse mensen leverden aan de bevrijding van ons land verrijken niet alleen ons eigen bevrijdingsverhaal. Ook herinneren ze ons aan de verbondenheid tussen alle mensen, en aan het recht op vrijheid voor iedereen.’’




















