
Rubriek Bevelands Heem: De moord op Keesje de Visser
Algemeen 115 keer gelezenHet Genealogisch Centrum Zeeland heeft een periodiek onder de naam ‘Zeeuwse Familiepraet’ dat tweemaal per jaar verschijnt. Vaak opsommingen van namen, geboortedatums en woonplaatsen. Taai leesvoer. In het juninummer van 2018 het verhaal van Tom Nuijten over de moord op Keesje de Visser in Heinkenszand in 1887.
Door Frits de Kaart
Keesje of Cornelis, want met die naam werd hij aangegeven, is geboren op woensdag 28 mei 1879 te ’s-Heer Arendskerke op het adres F86, in het huisje van zijn grootouders, Cornelis van de Plasse en Jannetje Minnaard, een arbeiderswoninkje in de Oude Kraaijertpolder, en hij is aangegeven door grootvader op het gemeentehuis van ’s-Heer Arendskerke. Keesje was de oudste zoon van de 20-jarige Catharina van de Plasse.’ Op 3 oktober 1879 trouwt ze met Cornelis (Kees) de Visser die haar kind erkend en Keesje de naam van zijn stiefvader De Visser krijgt.
Op de ochtend van 15 juni 1887 komen de eerste geruchten. Een koopman te Heinkenszand zou één van zijn twee kinderen vermoord hebben. Het hoofd was van de romp gescheiden met behulp van een scheermes.’ De berichten in de verschillende kranten en de dorpsroddels vinden gretig hun weg. De burgemeester met de brigadier majoor P. Verdouw en de gemeenteveldwachter Francois van de Linde gaan direct naar het woonhuis. De verdachte is op de vlucht geslagen maar wordt in Nisse toch opgepakt.
Zwaar geboeid wordt Kees de Visser overgebracht naar het Huis van Bewaring te Middelburg. Wegens onvoldoende bewijs wordt Kees een maand later weer vrijgelaten. Op weg naar huis neemt hij enkele vrienden mee die aan het raam gaan staan luisteren terwijl Kees zijn vrouw aan een verhoor onderwerpt. Ze bekent de moord en begin december 1887 begint de rechtszaak tegen haar. Maar liefst 24 getuigen werden gehoord over de gezinssituatie. Catharina van de Plasse wordt veroordeeld tot vijftien jaar gevangenisstraf en gaat naar de vrouwengevangenis in Gorinchem. Bij de troonsbestijging van Koningin Wilhelmina op 6 september 1898 krijgt ze gratie en wordt vrijgelaten. De echtscheiding met Kees de Visser is dan al uitgesproken.




















