Afbeelding
Foto: Chris Halkes

Goes betrekt inwoners steeds beter, maar terugkoppeling kan beter

Algemeen

Goes – “We zijn goed op weg, maar nog niet waar we willen zijn.” Met die woorden vat wethouder Joan Veldhuizen van de gemeente Goes de belangrijkste conclusie samen uit het Jaarverslag Inwoner- en Overheidsparticipatie 2025, ook wel ‘Het Goese Gesprek’. In het verslag kijkt de gemeente terug op hoe inwoners het afgelopen jaar zijn betrokken bij beleid en projecten.

Het verslag is gebaseerd op het vernieuwde participatiebeleid dat in 2024 is ingevoerd. Dat beleid kwam er door veranderingen in landelijke wetgeving. Door nieuwe wetten moeten gemeenten inwoners eerder en beter betrekken bij besluiten. “Daaruit kwam de noodzaak om participatie vast te leggen in ons gemeentelijk handelen,” aldus Veldhuizen.

Zes vaste stappen

De gemeente werkt bij participatie met zes vaste stappen. Die geven houvast bij vragen als wanneer je inwoners betrekt, waarover zij mogen meedenken en hoe je het proces achteraf beoordeelt. “Deze structuur helpt niet alleen ons, maar ook de samenleving om inzicht te krijgen in wat participatie in de praktijk betekent,” zegt Veldhuizen.

Niet bij elk project is meedenken mogelijk. Zo werd bij een rioleringsproject bewust geen participatie georganiseerd. “We kozen daar voor open communicatie zonder inwoners het gevoel te geven dat ze mogen meedenken over iets waar feitelijk geen ruimte voor is. Transparantie is dan belangrijker dan schijninspraak,” legt de wethouder uit.

Bij andere projecten is er juist veel ruimte voor participatie. Dat geldt bijvoorbeeld voor de dorpsvisies, waarbij inwoners actief worden uitgenodigd om ideeën aan te dragen. “We willen niet alleen input, maar ook nieuwe denkrichtingen ophalen,” aldus Veldhuizen.

Verschillende groepen

De gemeente probeert verschillende groepen te betrekken. Bij de herinrichting van speeltuinen wordt gekeken hoe kinderen kunnen meedenken. En bij grote plannen, zoals de mobiliteitsvisie, wordt gewerkt met een mix van methoden, zoals enquêtes, bijeenkomsten en gesprekken met bewonersgroepen.

Volgens de wethouder is maatwerk daarbij belangrijk. “Er is niet één juiste manier van participatie. Elk vraagstuk én elke doelgroep vraagt om een eigen benadering.”

Wat kan beter?

De gemeente ziet ook verbeterpunten. Met name de evaluatie en terugkoppeling naar inwoners die meegedacht hebben, kunnen beter. “Mensen willen weten wat er met hun idee gebeurt – en terecht,” zegt Veldhuizen.

Daarnaast lukt het nog niet om iedereen te bereiken. Digitale platforms vormen voor sommige inwoners een drempel. Ook wil de gemeente jongeren beter betrekken en inwoners meer ondersteunen die zelf met initiatieven komen.

Vooruitkijken

Komend jaar wil de gemeente blijven werken aan verbetering. Dat betekent nieuwe vormen van participatie uitproberen, drempels verlagen en duidelijker aangeven waar inwoners wel en geen invloed op hebben.

“Participatie is geen eenmalig gesprek, maar een proces,” besluit Veldhuizen. “Alleen als inwoners zien dat hun stem telt en terug horen wat ermee is gedaan, blijft dat vertrouwen groeien.”